In deze studierichting worden de technieken sterk theoretisch benaderd. Er wordt minder nadruk gelegd op praktische kennis. De klemtoon ligt in hoofdzaak op het ontwerp-organisatorisch technisch aspect en het conceptueel inzicht, op het probleemoplossend denken en handelen in functie van bouw- en houtconstructies.
De leerling wordt in de eerste plaats voorbereid om verder te studeren.
Verdere studiemogelijkheden na het volgen van de TSO studierichting “Bouw- en Houtkunde”
Meestal gebeurt dit in een opleiding van het hoger onderwijs van een praktische bachelorsopleiding, die in het verlengde van de gevolgde studierichting ligt: bachelor bouw, houttechnologie, vastgoed, architectuur-assistentie, bouwkunde-landmeten, landschapsontwikkeling, meubelontwerp, …
Sterkere studenten zullen met succes verder kunnen studeren tot een masteropleiding. Ofwel via een academische bacheloropleiding tot bv architectuur of interieurvormgeving, … of verder na hun praktische bacheloropleiding via een brugjaar tot master in industriële wetenschappen bouwkunde (vroegere industrieel ingenieur, optie bouwkunde of landmeten).
Deze studierichting biedt ook enkele specifieke mogelijkheden om -eventueel na het volgen van een zevende specialisatiejaar- op de arbeidsmarkt terecht te komen, o.a. als bouwkundig tekenaar in studiebureaus voor weg- en waterbouw, in planningsbureaus van bouw- of houtconstructiebedrijven, als ploegbaas of werfleider, eventueel als verkoper in de sector.